Issues met frisdrank – deel 3

Mijn inspiratie voor een derde artikel in de reeks “discussies over frisdrank in het samengesteld gezin”, kwam voort uit een ontmoeting met Chantal enkele weken geleden. Chantal (42) is een vijftal jaar geleden getrouwd met Frederick (44) en daardoor stiefmama van Sarah (15).

 

Sarah drinkt heel de dag door frisdrank. Hoewel Chantal dat niet ok zou vinden als Sarah haar eigen dochter zou zijn, maakt ze daar nu niks van. “Ik heb er geen last van en als dat hun keuze is, moeten ze dat vooral doen.”

So far so good.

 

Het wordt echter moeilijk op het moment dat Sarah gezondheidsproblemen krijgt: het meisje heeft zoveel last van vermoeidheid dat haar schoolresultaten en sociale leven er onder beginnen te lijden.

Beide ouders en hun beide nieuwe partners, waaronder dus Chantal, zitten met de handen in het haar. Medisch wordt er niet meteen iets gevonden.

 

Het is daar dat het issue met de frisdrank om de hoek komt

 

Chantal is de enige uit het ouder/stiefouderclubje die interesse heeft in gezonde voeding. Zij vindt dat de ouders van Sarah op zijn minst moeten overwegen om naar de voedingsgewoonten als bron van Sarahs vermoeidheid te kijken. Het weglaten van frisdrank lijkt Chantal daarbij een makkelijke optie met mogelijk veel resultaat.

Frederick en zijn ex-partner hebben daar echter geen oren naar en blijven op zoek naar medische verklaringen. Veel tijd en energie gaat bijgevolg naar doktersbezoekjes. En in de weekends dat Sarah bij hen verblijft, worden veel activiteiten last minute geschrapt zodat Sarah optimaal kan rusten.

Dat is waar het wringt bij Chantal: waar zij geen last had van het frisdrankgebruik van stiefdochterlief, heeft ze dat wel van het leven dat in functie van Sarah en haar vermoeidheid komt te staan.

Als Chantal hier met vriendinnen over spreekt, krijgt ze steevast boodschappen als: “Dat hoort er gewoon bij als je met kinderen leeft en dus een stiefkind hebt.”

Ook Frederick wijst haar daar fijntjes op: “Niet zeuren; dit is voor niemand gemakkelijk.”

Chantal vreest dat hij gelijk heeft en voelt zich schuldig om haar gedachten en verzuchtingen. De vriendinnen, lief als ze zijn, veranderen automatisch van toonaard: “Trek het je niet aan, Chantal. Laat het los, focus je op iets anders,”.

 

Maar Chantal slaagt er niet in zich op iets anders te focussen

 

Dat is waarom ze een afspraak maakt met mij. “Al was het maar om te ventileren.”

Als therapeute bekleed ik niet graag louter de ventiel-functie, maar ik begrijp hieruit wel hoe wanhopig Chantal is.

Daarom help ik haar – nadat de ergste stoom afgeblazen is – haar emoties te plaatsen. “Je wil meegeven hoe jij het ziet, want jij bent bezorgd om je stiefdochter. En als jouw visie niet opgepikt wordt, lijkt het wel alsof jij een cadeautje hebt dat niet aangenomen wordt. Zou dat kunnen kloppen?”

Chantal bevestigt dat ze de hele situatie als een persoonlijke afwijzing van haar goede bedoelingen en liefde ervaart. Een traan rolt over haar wang.

Haar bekommernis om Sarah raakt me. En ook merk ik dat ze wel degelijk last heeft van deze situatie. Als stiefouder wordt een stukje van haar leven – de invulling van de weekends, de prominente plaats van de doktersbezoekjes, de gesprekken met de ex – buiten haar wil om bepaald. Hierdoor ervaart Chantal controleverlies over haar leven: haar manier om met dit soort problemen om te gaan – kijken naar de voeding en het weglaten van de frisdrank – pakt helemaal geen verf. Dit maakt haar machteloos.

 

Praten met je partner

 

Het is belangrijk dat mensen als Chantal hun emoties begrijpen, want dan kunnen ze andere conversaties met hun partner aangaan. Zo hoeven ze niet af te haken of zichzelf helemaal in vraag te stellen.

Op dit moment vermijden zij en Frederick het gesprek over de weekends en de vermoeidheid van Sarah. Chantal vermoedt dat ze allebei schrik hebben voor vlammende ruzie.

Koppels verzeilen gemakkelijk in conflict over situaties als wat er met Sarah aan de hand zou kunnen zijn. Dat soort ruzies kleurt vaak de betekenis van hun relatie en samenzijn, en breidt gemakkelijk uit naar andere discussies.

Dat gebeurt natuurlijk ook bij niet gescheiden koppels/ouders. In het samengestelde koppel duikt er echter een extra moeilijkheid op: beide partners hebben niet evenveel te beslissen over de omgang met een ziek kind, maar wel hebben er ze allebei last van. Frederick kan al zijn hypotheses over de ziekte van zijn dokter uittesten (‘misschien moeten we volgende week maar eens een homeopaat raadplegen.’). Chantal niet. Zij voelt zich naast bezorgd, ook erg afgewezen.

Het is uiteraard helemaal niet zeker dat het probleem aan de frisdrank of de voeding van Sarah ligt. Er kan vanalles aan de bron van de vermoeidheid liggen. Naast medische oorzaken of voedingsproblemen, kan je hier ook heel gemakkelijk enkele briljante psychologisch-relationele redenen bedenken voor de symptomen bij Sarah.

Daar gaat het mij hier niet om.

Het gaat er mij wel om je te helpen begrijpen dat stiefouders wel degelijk goede bedoelingen hebben, willen helpen en als ze daarin niet gehoord worden, dit als een persoonlijke afwijzing ervaren kan worden. Met alle gevolgen van dien.

 

Wat nu?

Wat er volgens mij nodig is, is dat een koppel als Chantal en Frederick andere gesprekken leert voeren. Frederick is niet mee willen komen naar mij op consultatie, maar dat hoeft geen probleem te zijn. Ik werk met Chantal aan manieren hoe ze haar boodschap eerst voor zichzelf helder kan krijgen en vervolgens aan hoe ze hier met Frederick een ander soort gesprek over kan aanknopen.

Een gesprek waarin ze minder dwingend overkomt. Waar ze hem uitnodigt om over zijn ervaring, gevoelens en bezorgdheden te vertellen. En waarin ze niet aanvallend kan verwoorden wat haar kant van de zaak is.

Niet opdat er daarom per se gedaan wordt wat zij nodig acht. Maar opdat zij zich gehoord zou weten. Opdat ze het gevoel krijgt dat zij waardevol is voor haar partner. Daar zij zich niet afgewezen voelt in haar liefde. Zo kan er ook gekeken worden of er iets anders met de planning van weekend omgesprongen zou kunnen worden.

Gebeurt dit niet, dan haken stiefouders als Chantal soms af. En dan beginnen ze zich na een tijd wél te ergeren aan het frisdrankgebruik. Ook ouders als Frederick gooien hier al eens de handdoek in de ring (‘ik moet me nu volledig focussen op mijn dochter en kan die complexe relatie met mijn nieuwe partner hier nu echt niet bij hebben’).

 

Dat zou vooral jammer zijn. Omdat deze mensen elkaar graag zien en het beste met elkaar voor hebben.

 

Gelukkig dus, hoeft dit niet fataal af te lopen.

 

Herken jij iets uit dit artikel?

De situatie van Sarah is misschien uitzonderlijk, maar de onderliggende relationele problematiek komt wel vaak voor: stiefouders die met “cadeautjes” zitten, maar daar niet mee weg kunnen. Stiefouders die last hebben van een situatie maar dat niet uitgelegd krijgen zonder hun partner tegen zich in het harnas te jagen.

Neem hier contact met me op voor een verkennend gesprek. Ik help je graag verder.

 

 

 

Dank om dit artikel te delen met je vrienden en kennissen (klik op de knop SHARE hieronder)!

 

 

Laat een reactie achter